Van de redactie

Schrijvers en schrijfsters van diverse pluimage (hoewel daar in het geval van een konijntje moeilijk van kan worden gesproken) wenden zich met enige regelmaat tot de redactie van de
Blalo Bode. Meestal met het verzoek om teksten van zeer wisselende kwaliteit en hoedanigheid, en soms ook zéér privé (men geneert zich nergens meer voor tegenwoordig) te mogen plaatsen. Ook in dit geval meenden wij, vanwege het dierenleed en de waarschuwende werking, het verzoek niet te mogen afwijzen.
Om te respecteren redenen van privacy konden in de bijgaande openbare dankbrief echter geen namen van betrokkenen worden vermeld. Ook niet van de reddende - vooruit - engel, de buurman dus. Want de buren van de buren waren in dit geval weer ‘de’ buren.
Thans, wij melden het maar vast, wijlen het onderhavige konijn, hoewel van stamboek B Plus-kwaliteit, moest om begrijpelijke redenen worden voorzien van een (op zich gelukkig gekozen) pseudoniem. Vanwege de roerende authenticiteit hebben wij gemeend de oorspronkelijke spelling, hoewel hier en daar niet geheel correct, te moeten handhaven.
Hopend op begrip en vooral instemming van de lezers, lezeressen, maar ook de lezertjes en lezeresjes van uw
Blalo Bode, herinneren wij aan de klemmende vraag: ‘Had dit niet ook u (jou) kunnen overkomen?

Vakantieleed fan jully kneintje

Wad was ik blei (!!!) toen, toen ik jullie buurman over de sgutting hoorde klimmen, afkoomunt op mein wanhoopig geroep en gerommel. Ik dagt trouwuns eerst noch, dat het een buurjongutje was, want het gink soo zoepel en leenig, alsof ik het zelluf was. Knap hoor (!!!), van die buurman; die kun je wel om un bootsgap stuuren.
Maar goet, hij kwamp in de sguur en zach dier-rekt en onmiddelluk, dat mein hangvlesje met waatur dur vanaf (ekskuzéé le moo) gedonderd was. Tsjonguns, tsjonguns, wad hat ik un dorst! Dur stond wel een kradje met Hijnukken, of wel twee, vlakbei mei, maar daar kon ik net niet bei en ik hat boofendien ook geen oopunner. Maar gelukkich kwam dus de buurman! Ik heb wel een kwartier, of missgien zelfs wel 15 mienuuten, aan het invuus (spa rood zonder bubbels) geleegen. Lekkurrrrrr!!! En toen heeftie ook nog een hand met mein korruls rondtgestrooit en van sein frou (geef die ook maar een dikke pood) hattie een slaadje blaa meegekreegen.
Aan het ijnt van de middach hebbun se mei nog eeffen opgehaalt en toen mogt ik naar Seezamstraad keiken, zamen met hunnie hont. Ik hoop dat did nóóóóóit weer gebeurd, dat ik soon versgrikkulleijke dorst moet kreigen, omdat mijn baasjes niet goet foor mei sorgun en gewoon een kepotte boel agterlaaten. Een heel goet idee leikt mei dus, dat je an hunnie gewoon een sleutul geefd, foor de geselligheit en voor foorkomunde nootgefallen.
Ik hoop, dat jullie ut ondanks mijn malleur wel leuk hebbun gehat in dat wiekent op dat ijlant van de Wadden, waar jullie buuren ook faak naartoe gaan. Daar loopen de koneinen trouwens gewoon in het wilt, met vier poten tegeleik, vertelde de buurman mei noch. Leikt mei ook heel leuk om daar un keer lekker ront te gaan uppelen in de duinun, als jullie dan maar wel gesellug bei mei op fiesiete komen piknikken.
Want ik hauw wel van jullie, hoor!!! Maar folgende keer beeter opletten!!! Of mei meneemen!!!

Een dikke pood, oftewel twé, fan jullie

Stampertje

Naschrift-annex-in-memoriam van de redactie
Twee dagen na het schrijven van zijn dank- en openbare brief legde Stampertje wegens uitgestelde overstelpende uitdrogingsverschijnselen alsnog het loodje (de pootjes, alle(tweekeer)bei).
Hij mocht slechts 11 maanden en 11 dagen worden.